
Project
Aromatische chemicaliën op basis van fossiele brandstoffen, zoals fenol, bisfenol A (BPA), BPA-derivaten en alkylfenolen, worden op een schaal van miljoenen tonnen geproduceerd en worden veelvuldig gebruikt in oppervlakteactieve stoffen, vlamvertragers en kunststoffen. Ze geven echter ook aanleiding tot ernstige zorgen op het gebied van milieu en gezondheid, met name bij toepassingen die kunnen leiden tot blootstelling van het menselijk lichaam, zoals wasmiddelen, meubilair, textiel of voedselverpakkingen. Daarom heeft dit multidisciplinaire EU-project tot doel hernieuwbare verbindingen te ontwikkelen als milieuvriendelijke alternatieven voor de huidige aromatische chemicaliën, volgens het „Safe and Sustainable-By-Design” (SSbD)-raamwerk. Het project zal zich richten op het moleculaire ontwerp van nieuwe, op biologische grondstoffen gebaseerde verbindingen als alternatief voor stoffen die aanleiding geven tot zeer grote bezorgdheid (SVHC), via een innovatieve katalytische bioraffinage van nevenstromen van biomassa. Er zullen nieuwe benaderingsmethodologieën (NAM’s) worden gebruikt voor de gevarenbeoordeling van de nieuwe chemische stoffen met betrekking tot de menselijke gezondheid en milieutoxiciteit. Er zullen machine learning-modellen worden ontwikkeld voor de ontwerpfase en voor de in-silico-effectbeoordeling van de nieuwe chemische stoffen. Succesvolle producten zullen veilig zijn, voldoen aan de principes van groene chemie, een lagere koolstofvoetafdruk vertonen dan hun petrochemische tegenhangers en een berekende levenscyclus en sociaal-economische impact hebben. Formele SSbD-rapportage in RADAR zal de toepasbaarheid van het raamwerk aantonen en het EU-beleid ondersteunen. De geselecteerde RADAR-chemicaliën zullen worden opgeschaald naar een schaal van meerdere kg en onderzocht in industriële toepassingen, terwijl ze worden vergeleken met de functionele eigenschappen van standaard vlamvertragers, oppervlakteactieve stoffen of blikcoatingmaterialen. Met de RADAR-gegevens kunnen de substitutiebarrières in termen van aanbod, productiekosten en prestaties in kaart worden gebracht. Om zijn doelstellingen te bereiken, betrekt het RADAR-consortium alle relevante industriële actoren in de waardeketen, variërend van biomassaraffinaderijen tot chemische productie en merkeigenaren in eindmarkten, ondersteund door vooraanstaande kennisinstellingen.
Coördinator
KATHOLIEKE UNIVERSITEIT LEUVEN (België)
Partners
KATHOLIEKE UNIVERSITEIT LEUVEN (België), UNIVERSITÄT DES SAARLANDES (Duitsland), RIJKSUNIVERSITEIT GRONINGEN (Nederland), DANMARKS TEKNISKE UNIVERSITET (Denemarken), BUNDESINSTITUT FÜR RISIKOBEWERTUNG (Duitsland), UNIVERSITÄT GRAZ (Oostenrijk), FUNDACIÓN UNIVERSIDAD SAN JORGE (Spanje), APEIRON TEAM NV (België), SCIENSANO (België), SPECIALTY OPERATIONS FRANCE (Frankrijk), ICL EUROPE COÖPERATIEF UA (Nederland), GECCO BIOTECH BV (Nederland), ALLNEX BELGIUM (België), PARTICULA GROUP DRUSTVO S OGRANICENOM ODGOVORNOSCU ZA ISTRAZIVANJE RAZVOJ I PROIZVODNJU (Kroatië), PROCTER & GAMBLE SERVICES COMPANY NV (België), NORMEC OWS (België), ANHEUSER-BUSCH INBEV (België), UPM Biochemicals GmbH (Duitsland)
Taken van Normec OWS
- Het testen van referentiechemicaliën en ontwikkelde uit lignine afgeleide fenolverbindingen (LDP’s) op biologische afbreekbaarheid in relevante milieus (bodem, aquatisch, marien)
- Het uitvoeren van ecotoxiciteitstests (planten, wormen, copepoden, artemia, radiaaria en algen) op de referentiechemicaliën en de ontwikkelde LDP’s



Het project wordt ondersteund door de Circular Bio-based Europe Joint Undertaking en haar leden. Gefinancierd door de Europese Unie. De geuite standpunten en meningen zijn echter uitsluitend die van de auteur(s) en weerspiegelen niet noodzakelijkerwijs die van de Europese Unie of de CBE JU. Noch de Europese Unie, noch de CBE JU kan hiervoor verantwoordelijk worden gehouden.